Naar Craighouse (Jura)…

Vandaag verlaten we Kerrera Marina (Oban) om naar Jura te varen. We hebben een aantal mogelijke ankerplekken uitgezocht waar we, afhankelijk van hoeveel snelheid we maken, kunnen aanleggen voor de nacht. We moeten van noord naar zuid door de Sound of Luing waar een flinke stroming kan staan. Hoewel het 2 dagen na doodtij is kijk ik toch even goed wanneer de zuidgaande (eb)stroom begint. Dat is om 14:30 uur en die plek is 2,5 uur varen, dus we moeten om 12 uur vertrekken. Dat betekent een rustige start met uitslapen, een lekkere douche en daarna ontbijt. Om 12 uur gooien we de touwen los en varen we de marina uit. Het eerste stuk is in de lij van Kerrera maar als we daarbij zijn komen we op open water. Links zien we het vasteland van Schotland en rechts het eiland Mull.

Op open water waait het behoorlijk en staan er ook wat meer golven. We varen alleen op de fok, die we nog een stukje verder inrollen. We komen op het goede moment bij het begin van de Sound of Luing, net als het “slack” is (precies tussen eb en vloed). Maar al snel zien we dat we de stroom meekrijgen. Na anderhalf uur zijn we de Sound door en varen we naast de top van Jura. We hadden verwacht dat we in de lij van Jura wel wat minder wind zouden hebben, maar die blijft stevig doorwaaien. Regelmatig vlagen (die ook nog best lang doorvlagen) ruim boven de 20 knopen. Maar de zon schijnt volop waardoor het vandaag echt minder koud is. En de uitzichten zijn prachtig….

We houden de stroom mee en varen hard door: regelmatig zitten we boven de 7,5 a 8 knopen. Daarmee zijn we best vroeg bij onze eerste selectie ankerplekken, Tarbert Bay en Lowlandman’s Bay. We kijken hoever het is en besluiten om door te varen naar Craighouse aan de zuid-oostkant van Jura. We verwachten er rond 19 uur te zijn

Stipt rond die tijd zetten we de motor aan, rollen de fok in en varen de baai in. Ook hier verwachten we goede beschutting te vinden. Wat betreft de golven is dat wel zo, maar de wind doet nog even extra zijn best. Er liggen hier veel “mooring buoys” (boeien met kettingen naar de grond waar je de boot aan vast kan maken). We spreken samen de aanpak door en in de tweede poging weet Meike de boei behendig aan de haak te slaan. Letterlijk: we gebruiken een metalen stok van een meter met een touw eraan en aan het uiteinde een haak die door het oog op de boei kan. We liggen vast.

Zo’n haak is echter een tijdelijke oplossing, we moeten onze eigen touwen door het oog krijgen om de boot daar definitief aan te bevestigen. Na een hoop gesjor aan het touw komen we niet in de buurt van het oog. Meike besluit dat we de bijboot in het water gooien. Ze klimt erin, trekt zichzelf naar voren en vlecht twee touwen door het oog. De haak kan er weer uit – we liggen definitief vast. Het is kwart voor 8. Tegen de tijd dat ik buiten de boot heb opgeruimd heeft Meike al een heerlijke tray bake met zoete aardappel, ui, paprika en feta in de oven staan. Niet lang na het eten zoeken we onze schommelende kooien op.

Geef een reactie